podcast Ekklesia Amsterdam kerstavond 2021

podcast Ekklesia Amsterdam kerstavond 2021
Op de avond voor Kerstmis stuur ik u de kerstgedachte van onze voorzitter, Kees Swan. Ook stuur ik u hierbij een link met bijbehorende tekst van de podcast van de Ekklesia Amsterdam van de avond voor Kerstmis..
Ik wens u veel lees- en luistergenot.
Marga de Groen 
voor de podcast klik hier
Voor de bijbehorende tekst klik op tekst
 
Kerstgedachte Kees Zwan - Kesrtmis 2021

Kerstgedachte Kees Zwan - Kesrtmis 2021
KERSTMIS 2021
 In de liturgie van de oude kerk klonken de woorden “het woord is vlees geworden”,  “ Gods woord werd een mens van vlees en bloed “ . Zo zou je kunnen zeggen dat wij met Kerstmis gedenken dat ”God is mens geworden “ in het kind van Bethlehem.
God die naar ons toekomt, wie we ook zijn, wat we ook doen, waar we ook wonen, want door Jezus’ menswording is God in ieder van ons komen wonen. Dat is dus wat er veranderd is bij en door de geboorte van Jezus: dat God in alle mensen is komen wonen. Hij laat ons nooit alleen, waar we ons ook bevinden: in een gezin, op straat, alleen, in een vluchtelingenkamp, in een gevangenis, gelijk waar. Hij woont in ieder van ons om ons mens zijn te verruimen, zodat we Hem altijd kunnen ontdekken in onszelf, maar ook in onze medemensen kortbij en veraf. En zo verdrijven we de duisternis in onszelf en in de anderen: door Gods liefde te zien in onszelf en in onze medemensen. Dat is wat Kerstmis is: dat God in ons, in alle mensen is komen wonen.
God is met ons. En Hij laat ons met Kerstmis zien hoe we liefde en hoop kunnen schenken. Immers, Hij is niet met macht en kracht, met rijkdom en pracht naar ons is gekomen, maar als een zwak kind dat niet geboren wordt in een paleis, zelfs niet in een eenvoudig huis, maar in een stal, want er was geen plaats in de herberg. Weerloos als een kind, als een vluchteling, als een mens in nood, als een vreemde die niet meetelt. Zoals Maria niet meetelde, want er was geen plaats in de herberg, zij was niets meer dan een vreemdeling, misschien zelfs een vluchteling op zoek naar hulp. Want dat is de keiharde werkelijkheid van Kerstmis in zoveel landen en op zoveel plaatsen: er was en er zijn plekken waar geen plaats is voor de geboorte van God.
Op Kerstmis kunnen we dankbaar zijn voor het feest dat God in ieder van ons is komen wonen, en zijn  liefde en hoop in ons tot leven heeft gewekt. En natuurlijk ook liefde voor ons gezin, onze familie, met wie we wellicht samen aan tafel zullen zitten . Maar Kerstmis is meer dan samen feestelijk tafelen. Liefde voor onze medemensen, die alleen zijn, hoop voor mensen in nood. Want juist in hen zien we het weerloze kerstkind. 
In die zin wens ik U ,namens de Westfriese Ekklesia , een zalig Kerstfeest toe.
Kees Swan
 
 
Vieringen en activiteiten Vieringen en activiteiten
“Het bestuur van de Westfriese Ekklesia deelt u mede,
dat vanwege de ontwikkelingen rond Corona de activiteiten van
de WF Ekklesia tot nader order worden gestaakt, wat inhoudt
dat er voorlopig geen viering en koorrepetities zullen plaatsvinden”.

De viering van 2 januari 2022 gaat dus niet door
 
 
Beste wensen 2022

Beste wensen 2022
Beste bezoekers van de Westfriese Ekklesia,
Ik wens u allen een gezegend Kerstmis en een gezond 2022. Ik hoop van harte dat wij gespaard mogen blijven van nieuwe coronagolven en het leven langzamerhand weer normaal kan gaan worden.
Helaas heeft een nieuwe lockdown het voor ons onmogelijk gemaakt om op 2 januari een dienst te houden.
Wij zouden de eerste dienst in het nieuwe jaar houden met als thema: “Heb de vreemdeling lief.” Een van de liederen die mij altijd diep geraakt heeft, is een lied van Huub Oosterhuis, gebaseerd op een paar versregels uit Hebreeën 11.  Dat lied heeft een voor mij  een tweeledig thema en speelt nu ook weer door mijn hoofd in deze zoveelste lockdown. Wanneer komen wij hier uit? En hoe?  Het lied geeft prachtig weer hoe wij in ons leven een weg gaan die niet vanzelfsprekend is.
En vandaag, zo voor Kerstmis, denk ik niet alleen aan al die vaak kansloze vluchtelingen, die de lange weg, door de woestijn of over zee, naar ons rijke westen maken, maar ook aan onze lange weg. Hoe gaan wij die? En dat geeft die laatste strofe zo mooi weer.
 
Vroeg in de morgen, donker was het nog,
zijn zij gegaan, een keer,
nog in ons hart de dichtheid van de nacht.
 
Jij bent niet die wij dachten.
Uit het vuur riep ons bij naam een stem.
Wij zagen niets. Jij riep: “Ik zal er zijn.”
 
Op licht en schaduw, bomen aan de bron,
op stilte leek die naam.
Een gloed van liefde schroeide ons gezicht.
 
Om wat wij hoorden (maar wat hoorden wij?)
om  wat op vrijheid leek,
omdat het moest en blijven niet meer kon
zijn wij gegaan, onstuimig en verward,
om nergens om, om jou –
om liefde, over alle grenzen heen.
 
Een troep die sloft en zwerft, de richting kwijt
de nagalm van een stem.
De weerklank van wat woorden in ons hart.
 
Een slingerende stoet naar goed wijd land.
Een eeuwenlang smal pad
een ademtocht, de route van het licht.
 
Het duizendschone schitterende licht,
een file in de nacht,
een spoor van mensen die de nacht verslaan.
 
Die strompelen tot waar? Tot waar jij bent,
in rusten aan de bron,
in gloed van liefde, vuur dat niet verflauwt.
 
Vroeg in de morgen, donker was het nog,
zijn wij gegaan een keer,
met niets dan in ons hart: “Ik zal er zijn”.
 
Huub Oosterhuis Verzameld Liedboek 259
 
En ook:
Donker is het nu en wat kome komt, maar:
 
Blijf niet staren op wat vroeger was,
sta niet stil in het verleden.
Ik, zegt Hij ga iets nieuws beginnen,
het is al begonnen, merk je het niet...
 
Allerlei voor iedereen 'normale' gewoonten, gangen der zaken zijn de afgelopen twee jaar meer dan op de schop gegaan. Ik hoef hier niet verder over uit te weiden; droefenis voor velen is ons deel geworden. Hoe nu verder?
Vertrouw op je eigen geest, gevoed door teksten uit Thora, Evangeliën, zang en prediking in onze eigen Westfriese Ekklesia. Zie om naar elkaar, zoals Hij omziet naar ons. Vertrouw op dat er iets 'nieuws gaat beginnen', samen met allen die je dierbaar zijn - en ook allen die je niet, of veraf kent. De vreemdeling in ons midden - zodat die niet moet slapen in een stal, omdat er in onze Nederlandse herberg geen plaats is.
 
Rorate: Dauwt hemelen van omhoog en regen de gerechtige...
Zo moge onze kerstdagen ons vervullen.
 
Marga de Groen